Een beveiligingsysteem bestaat uit een aantal componenten:
Dit is het hart van het beveiligingssysteem, de afkorting CCS staat voor centrale controle stuureenheid.
In de CCS komen alle signalen en meldingen samen, en van hier uit worden eventuele sirenes, flitsers en telefoonkiezers aangestuurd.
Of er nu gebruik wordt gemaakt van bekabelde of draadloze systemen van hier uit word alles geregeld.
Het is dan ook zeer belangrijk dat de CCS tegen sabotage van buiten af wordt beschermd.
Een goede plek om een CCS te monteren is natuurlijk de meterkast.
Dit is meestal ook de plaats waar de telefoon aansluiting binnenkomt, zodat ook deze tegen sabotage wordt beveiligd.
Er zijn natuurlijk verschillende centrales voor verschillende behoeftes.
Een voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld, de centrale gemonteerd in de meterkast, en deze voorzien van degelijk hang en sluitwerk en
beveiligd met een magneetcontact.
Met daarbuiten een extern bedieningspaneel voor het in en uitschakelen van het systeem.
Maar ook situaties met geïntegreerde bedieningspanelen zijn denkbaar, hier kan men de centrale bijvoorbeeld in de entree plaatsen.
Wel dient er altijd rekening gehouden te worden dat de CCS dan onder ruimtelijke detectie staat
om het ongezien benaderen van de CCS te voorkomen.
Goede voorbeelden van zulke centrales zijn de "Powermax" van
Visonic
en de "Lynx" van Ademco.
Dit zijn tevens merken waar Walewein Beveiligingen mee werkt.
Omdat deze centrales uitgerust zijn met meerdere opties buiten het eigenlijke beveiligingsysteem om,
worden deze dus zo geplaatst dat zij wanneer het systeem niet ingeschakeld staat vrij toegankelijk zijn voor bediening en of meldingen.
Denk hierbij bij de "Powermax" aan een memorecorder voor gesproken boodschappen.
En eventuele foutmeldingen die het systeem kenbaar maakt door middel van gesproken tekst (Nederlandse spraak module).
Maar ook draadloos aansturen van licht en geluid doormiddel van het X10 protocol behoort tot de mogelijkheden.
Voor meer informatie over de "Powermax" en producten van het merk Visonic verwijzen we u naar hun site.
In overleg met de klant kan er dus altijd bekeken worden waar de behoeftes naar uit gaan.
Er van uitgaande dat de klant kiest voor bedieningsgemak in combinatie met een doeltreffende beveiliging.
Voor meer (specifieke) informatie kunt u een bericht achterlaten via de informatie pagina, of eventueel direct via E-mail.
Voor het detecteren van verdachte activiteiten (lees personen) tijdens uw afwezigheid,
kan er gebruik worden gemaakt van een uitgebreide reeks melders en detectoren.
We zullen er een aantal noemen met een korte beschrijving. Tevens komen de dier vriendelijke detectoren ook aan bod.
Passief infrarood detectoren zijn ruimtelijke melders.
Door gebruik te maken van deze melders kun je door deze in een ruimte te plaatsen, deze beveiligen tegen onbevoegd betreden.
Deze melders zijn er in diverse soorten en maten.
De hoofdpunten wat betreft de werking is als volgt, in de melder zit een pyro-element.
Dit element meet de verandering van infrarode warmte in de te beveiligen ruimte.
Hij kijkt door een lens waardoor hij de ruimte inrasterd en aftast.
Mensen en dieren stralen (infrarode) warmte uit, waar deze melders op reageren.
De plaatsing van deze melders zal in het algemeen in een hoek van een ruimte zijn, omdat zij meestal een zicht van 90 graden hebben.
Dit hangt ook af van het type lens wat er gebruikt wordt, en deze zijn er in diverse soorten.
De afstand die zij ver kunnen kijken hangt hier ook van af, maar zal ongeveer 12 meter zijn.
Tevens kan er in de melder ook de gevoeligheid afgesteld worden die er voorzorgt of de melder snel of wat langzamer reageert.
Passief infrarood detectoren hebben echter ook nadelen.
Zij zijn namelijk gevoelig voor een aantal factoren.
Zo kunnen zij last hebben van tocht en snelle temperatuur veranderingen in een ruimte,
door bijvoorbeeld ventilatieroosters waar koude lucht door naar binnen stroomt.
Kachels en heaters die aanslaan kunnen ook problemen geven.
Het is daarom zeer belangrijk dat bij het plaatsen van deze melder met deze factoren rekening gehouden wordt.
Bij een juiste projectering zal de werking van deze melders tot zijn recht komen.
Er zijn ook melders die geschikt zijn voor plaatsing in ruimtes waar dieren verblijven.
De zgn. huisdiervriendelijke detectoren.
Ook deze melders zijn er in verschillende soorten en maten, maar er valt wel op te merken dat er zeer veel verschillen zijn in merk en type.
Er zijn fabrikanten die normale pir melders zo afstellen (lees afknijpen) dat zij gewoon weg minder zien in alle gedeeltes die zij moeten afschermen.
Er zijn echter ook fabrikanten die een aparte reeks melders aanbieden die wel speciaal ontworpen zijn voor gebruik met huisdieren. en voorbeeld hiervan zijn de 18 en 36 kg melders van Visonic.
Huisdier melders werken goed mits er rekening gehouden wordt met het volgende.
18 en 36 kg melders werken goed mits de huisdieren zich in de lagere zones begeven.
Dit betekend dus dat de dieren op de grond blijven. Komen zij hoger dan 1 meter, dan halveert hun immuniteit.
Dus de dieren mogen dan niet zwaarder zijn dan 9 en 18 kg.
Huisdier melders kunnen dus goed functioneren als de dieren zich in de lagere zones blijven begeven.
De stelling is dus dat hoe dichter de dieren in de buurt van de melders komen, hoe gevoeliger deze worden.
Combi-melders gebruiken twee detectie principes in een behuizing.
Een voorbeeld hiervan is radar in combinatie met passief infrarood.
Door zijn dubbele detectie techniek, is de kans op loos alarm nagenoeg onmogelijk.
Het zelfde geldt voor de combimelder die gebruik maakt van ultrasoon in combinatie met passief infrarood.
Deze melders werken weer uitstekend in ruimtes met wisselende temperaturen.
Passief infrarood is nu eenmaal gevoelig voor verandering in temperatuur, (tocht, zonlicht).
Ultrasoon en radar kunnen daar weer beter tegen.
Maar alleen ultrasoon of radar heeft ook weer zijn nadelen.
Daarom is de combimelder op dit moment bij veel beveiligingsinstallateurs zeer populair.
Tot nu toe zijn de combimelders alleen te leveren voor de bekabelde systemen.
Dit heeft te maken met de stroom afname die bij combimelders hoger ligt.
Het magneetcontact wordt gebruikt voor het beveiligen van ramen en/of deuren.
Dit contact werkt het beste op deuren die geheel massief zijn.
Dus zonder glas.
Dit contact werkt namelijk alleen als de deur of het raam geopend wordt.
Wanneer er een raam ingeslagen wordt en de inbreker stapt door het verwijderde glas naar binnen dan werkt deze
detector niet.
Daarom is het gebruik van een barrièrestang of een (sier)traliehekwerk in combinatie met deze melder een aanbeveling.
Deze melders zijn er in diverse soorten en maten.
Ze zijn er in opbouw, inbouw of speciaal voor bijvoorbeeld roldeuren.
En tevens natuurlijk draadloos.
Er zijn een aantal principes voor het detecteren van het breken van glas.
Van het plakken van de ouderwetse foliestrips rondom het raam tot de micro dunne metaaldraden die in het glas zijn verwerkt bij bijvoorbeeld de juwelier.
Of dan de geplakte melders op het raam gevuld met kwik, (die nog wel eens willen reageren bij onweer).
Sinds een aantal jaren zijn er nu de goed werkende akoestische glasbreukmelders.
Deze reageren op de frequentie van brekend glas.
Wanneer er een ruit wordt ingeslagen maakt dat een geluid.
De glasbreukmelder herkend dit en geeft een alarm door aan de CCS.
Deze melders hoeven niet op elk raam geplakt te worden omdat zij ruimtelijk werken.
Ook zijn er melders die richting gevoelig zijn, dus alleen reageren als het geluid uit de juiste richting komt.
Het principe van beveiligen berust op signaleren en alarmeren.
Het is daarom belangrijk dat wanneer een indringer opgemerkt is door een melder, dat dit gesignaleerd
wordt door een sirene of flitser,
direct gevolgd door een melding naar een Particuliere Alarmcentrale of
naar een telefoon of GSM.
Er zijn tal van sirenes en flitsers, maar wat ze allemaal gemeen hebben is dat ze op een duidelijke
manier laten horen en/of zien waar er iets aan de hand is.
De laatste jaren wordt er steeds meer gekozen voor alleen een flitslicht wat buiten tegen de gevel gemonteerd word.
Dit heeft ondermeer te maken met de APV's (Algemene Plaatselijke Verordening).
Officieel mag de buiten sirene niet ook langer dan 3 minuten afgaan.
Over het plaatsen van een buiten sirene of flitser lopen de meningen sterk uit een.
In sommige gevallen wordt de vergelijking gemaakt met het afgaan van een auto alarm,
waar tegenwoordig bijna niet op gereageerd wordt als hij af gaat. Wie gaat er nog kijken als er buiten een autoalarm afgaat.
Maar het kan wel zinvol zijn om gebruik te maken van een flitser buiten die in combinatie met een buitensirene langer door blijft flitsen.
Zodat als de sirene gestopt is en de politie nog niet ter plaatse is, er toch een referentie punt is om er achter te komen waar het alarm afging.
In de praktijk is de sirene al lang gestopt voordat de politie ter plaatse is.
Je zult dus vaak zien dat de flitser pas stopt als er daadwerkelijk een waarschuwingsadres ter plaatse is geweest die het alarm reset.
De automatische telefoonkiezer (ATK) zoals hij voluit heet, is misschien wel het belangrijkste onderdeel in een beveiligingssysteem.
Je kunt signaleren en alarmeren zoveel als je wilt.
Maar het belangrijkste is dat het zo snel mogelijk opgevolgd wordt.
Met andere woorden.
Zorg er voor dat zo snel mogelijk één of meerder personen van het alarm op de hoogte worden gebracht.
Tegenwoordig zijn telefoonkiezers eenvoudig door de installateur zelf te programmeren.
Vroeger bij gebruik van een alarmcentrale, moest er een zogenaamde eprom geprogrammeerd worden.
Hierin werden de gegevens van de klant en de alarmgegevens geprogrammeerd.
Vandaar ook het Prom-nummer, wat we nu nog steeds zo noemen.
Nu zijn de telefoonkiezers bijna altijd in combinatie met een modem zodat er gecommuniceert kan worden met de
Particuliere Alarmcentrale.
Zo'n modem is gewoon een onderdeel op de moederprint van de centrale unit, maar kan ook als een losse print op de moederprint geplaatst zijn.
Verder zijn er verschillende protocols, waarmee het modem met de Alarmcentrale communiceerd.
De bekendste zijn SIA en Contact-ID, welke zeer uitgebreid zijn in het verzenden van meldingen naar de PAC.
Eigelijk werkt het zo dat de telefoonkiezer de verbinding opbouwt naar de PAC.
En het modem dan de meldingen verstuurd. Maar ook het verturen naar een telefoon of GSM is natuurlijk mogelijk.
Dit is dan niet zo uitgebreid als naar de PAC, maar de meest belangrijke zoals inbraak, overval en technisch meldingen kan verstuurd worden.
De meldkamer is een zeer belangrijke schakel in een beveiligingsinstallatie.
Maar toch lopen de meningen hier sterk over uit een.
De laatste tijd zie je steeds meer dat er alleen gebruik wordt gemaakt van het doormelden naar een mobiele of privé-telefoon.
Dit dan wel in de lagere beveiligings klasse, maar het gebruik van een Particuliere Alarm Centrale wordt hier weggelaten.
Het doormelden naar een meldkamer is zeer zeker een eis bij een hogere beveiligings klasse,
maar bij particuliere aansluitingen kan hier zeer zeker van afgeweken worden.
Walewein Beveiligingen bied daarom dus ook meerdere mogelijkheden.
Onze systemen kunnen uiteraard aangesloten worden op een meldkamer die bij eventuele calamiteiten contact opnemen met de waarschuwingsadressen.
Maar het inschakelen van de politie is bij woningbeveiliging niet meer toegestaan zonder dat de melding eerst geverifieerd is.
Dit wil zeggen, eerst moet er een waarschuwingsadres zijn gaan kijken en als die verbrekingen zien kan er in overleg met de meldkamer de politie gebeld worden.
U raad het al. Door deze procedure is het doorzenden van de melding naar een mobiele of privé-telefoon zeer populair geworden.
Dat werkt in dit geval ook sneller want u moet toch zelf gaan kijken.
We spreken hier wel over woningen in de lagere beveiligingsklasse.
En een functie die hier zonder meldkamer komt te vervallen, zijn de technische storingen.
De meldkamer kan bij een uitgebreid protocol problemen aan uw systeem sneller ontdekken en het controleren van de telefoonlijn valt hier ook onder.
Bij bedrijven en afgifte van een Borg Opleveringsbewijs of Beveiligings Certificaat is het gebruik van een meldkamer altijd vereist.